Skip to content

Voor de gewone man

De rest van dit handboek legt uit hoe het systeem werkt. Deze pagina doet het omgekeerde: hij loopt een gewone maand langs en vertelt per onderwerp wat je ervan merkt. Geen theorie, geen formules, en waar het slecht nieuws is staat dat er gewoon bij.


Je salaris

Komt op je rekening zoals nu, alleen in CBER in plaats van euro's. Je krijgt er een app bij die eruitziet als je bankapp.

Eén verschil: dat saldo staat niet stil. Het krimpt langzaam mee met het verlies dat de accu's werkelijk meten. Dat klinkt onprettig, maar het betekent alleen dat geld bedoeld is om te rollen. Je geeft het uit, of je zet het om in iets dat stroom opwekt.

Boodschappen

Precies zoals nu. Je rekent af bij de kassa, de winkelier krijgt geld, en je merkt er helemaal niets van. Geen wachttijden, geen omrekenen, geen gedoe.

Dat is een bewuste eis: als het aan de kassa anders voelt dan wat je gewend bent, deugt het niet.

Je energierekening

Die is grotendeels weg.

Warmte, licht en koken komen uit je Basispuls: een tempo aan stroom dat voor iedereen doorloopt, zonder voorwaarden en zonder aanvraag. Wat je daarbovenop verbruikt, betaal je uit je eigen saldo.

Die vloer is geen rekening maar een kraan. Er stroomt doorlopend een vast tempo binnen, en wat je niet gebruikt spaart niet op, want er is geen emmer die vol kan lopen. Een snelheid kun je niet oppotten, dus er kan ook geen vermogen uit groeien.

Je huur loopt in datzelfde tempo mee. Het bedrag staat vast en is bekend, maar het gaat er doorlopend af in plaats van in één klap op de eerste.

Voor een gemiddeld huishouden betekent dat: het noodzakelijke is gedekt, en je betaalt alleen voor de extra's. Voor wie krap zit is dat het grootste verschil met vandaag.

Wat je moet weten voordat je meedoet

Vier dingen die je liever vooraf hoort dan achteraf.

Je munt inwisselen voor stroom kost tijd. Het gaat in twee stappen: eerst wordt er afgerekend (je munt verdwijnt, je aanspraak staat in kilowatturen in de wachtrij), daarna wordt er geleverd. Daartussen zit een termijn die vooraf bekend is, en die is per ontwerp minstens zo lang als een donkere periode: een aaneengesloten stuk zonder noemenswaardige opwek. Dat is geen vertraging die er soms in sluipt, dat is de ondergrens. Voor dagelijks gebruik merk je er niets van, want je Basispuls loopt gewoon door en betalen aan de kassa is direct. Het gaat over de keuze om een groot bedrag om te zetten in stroom die je later wilt gebruiken.

In de wachtrij staan beschermt je niet. Zakt de reserve, dan gaat jouw aanspraak in de rij evenveel omlaag als de saldo's die meebetalen aan het lek. Vroeg inwisselen levert dus wel een eerdere levering op, maar geen voorrang. Je Basispuls staat daarbuiten: die is lekvrij en gaat altijd voor.

Een gemiste levering blijft een tijd zichtbaar. Levert de bank een afgerekende inwissel niet op tijd, dan staat het label voor een minimumtermijn op ondergedekt. Die termijn loopt door ook als zij intussen alsnog heeft geleverd: alsnog leveren kort hem niet af. Zo blijft een gebroken belofte zichtbaar in plaats van dat zij wordt weggepoetst met een snelle nalevering.

En je vertrouwen rust op een handtekening. Het aantal munten in omloop is niet openbaar, om de reden die in governance staat. Dat de gepubliceerde percentages percentages van een echt totaal zijn, tekenen de auditor en de getuigen af. Wat die handtekening waard is, en of een toezichthouder haar accepteert, heeft nog geen registeraccountant beoordeeld. Dat is een openstaande vraag en geen afgeronde.

Wonen, als je huurt

De huur van je hoofdwoning wordt tot een bepaalde hoogte gegarandeerd. Die volle garantie is een einddoel (de Horizon): hij gaat pas aan zodra de dekking hem draagt. In de opbouwfase is de vorm een energiekostengarantie of een eurosubsidie met kWh-indexatie; je Basispuls per dag staat hier los van en blijft gewoon staan. Zodra de garantie aanstaat, hoef jij er niets voor te doen: geen aanvraag, geen toeslag die je terug moet betalen, geen brief.

Het geld gaat niet meer rechtstreeks naar je verhuurder. Op deze pagina stond dat eerder wel, en het is geschrapt. Een uitbetaling die aan een bestemming vastzit knoopt drie dingen aan elkaar die niet aan elkaar horen: jouw persoon, jouw adres en een geldstroom. En zij verraadt je status aan precies de partij die de meeste macht over je heeft. Stopt die stroom, dan weet je verhuurder dat er iets met je is veranderd voordat jij het kunt uitleggen. De vloer mag daarom aan niemand anders worden betaald dan aan jou: niet aan een verhuurder, niet aan een huisgenoot, en ook niet aan degene wiens naam op het energiecontract van het huishouden staat.

In de veldtest heeft de garantie daarom een van twee vormen. Staat het energiecontract op jouw naam, dan is het een energiekostengarantie op je eigen energierekening. Heb je geen eigen aansluiting of geen eigen contract, dan is het een uitbetaling die jij alleen beheert. Keert de betaling aan de verhuurder ooit terug, dan alleen als één bedrag per pand zonder uitsplitsing per bewoner, en nooit zo dat een leverancier iets over jouw vloer te weten komt, ook niet doordat een stroom stopt.

De garantie blijft van jou en niet van hem: er ontstaat geen toegezegde inkomstenstroom die hij kan doorverkopen. Dat lijkt een detail, maar het is precies wat voorkomt dat je huurcontract als financieel product ergens gaat rondzwerven.

De vloer zelf blijft onaantastbaar, en dat verandert hier niet door. Hij is een gebruiksrecht en geen bezit: niemand kan er beslag op leggen, je kunt hem niet verpanden en je kunt hem niet verhandelen. Een dak boven je hoofd is geen bedrag op een rekening maar een recht.

Is je woning duurder dan de garantie draagt, dan betaal je het verschil zelf bij. Woon je goedkoper, dan houd je meer over voor de rest van je basis.

Wonen, als je wilt kopen

Hier zit het grootste verschil met nu, dus wat uitgebreider.

Een hypotheek bestaat niet. Geld ontstaat in dit systeem niet doordat iemand belooft terug te betalen, dus die belofte kan er ook niet via de achterdeur weer in. In plaats daarvan koop je je woning stukje bij beetje.

Een wooncoöperatie bezit het huis. Jij woont erin en betaalt elke maand een bedrag dat uit twee delen bestaat: huur voor het deel dat je nog niet bezit, en aankoop van een extra stukje eigendom. Je huur daalt naarmate je bezit groeit, dus bij een gelijkblijvende maandlast koop je elk jaar sneller.

En daarom kun je nooit onder water komen te staan. Dat zit in de balans:

HypotheekGroeiend aandeel
Wat je bezithet hele huishet deel dat je gekocht hebt
Wat je schuldig bentbijna de hele waardeniets
Als de prijs halveertje bezit halveert, je schuld blijft: restschuldje bezit is minder waard, verder niets
Als je stopt met betalengedwongen verkoopje houdt wat je hebt en huurt de rest

Onder water staan vereist een schuld die groter is dan je bezit. Die schuld is er niet, dus dat kan niet gebeuren.

Verlies je je baan, dan stop je met het aankoopdeel en betaal je alleen nog huur. Je houdt wat je gekocht hebt. Er is geen wanbetaling, want er is geen aflossingsverplichting waarop je in gebreke kunt blijven. De huur die daarna overblijft wordt tot de garantie gedekt door je Basispuls. Woon je duurder dan die garantie draagt, dan blijft dat verschil ook dan van jou, en dan is verhuizen naar iets binnen de garantie de enige uitweg. Dat is hard, maar het is wel wat er gebeurt.

Het dak repareren is niet jouw probleem. Groot onderhoud betaalt de coöperatie uit de huur. Als eigenaar van een deel word je niet ineens persoonlijk aansprakelijk voor een rekening van tienduizenden euro's.

Verhuizen doe je door je aandeel te verkopen aan de coöperatie of aan de volgende bewoner, en je in te kopen op de nieuwe plek. Geen oversluiten, geen boeterente, geen overbruggingskrediet.

Waar je geld heen gaat

De vloer betaalt dat je ergens woont, tot de hoogte van de garantie. Jouw eigen geld koopt dat het van jou wordt. Die twee lopen niet door elkaar, en dat is met opzet: anders zou de gedeelde pot het vermogen van huizenbezitters opbouwen terwijl de huurder ernaast alleen een dak krijgt.

Sparen

Tot een bepaalde hoogte spaar je gewoon op je rekening, net als nu.

Dat komt doordat het lek een percentage van je saldo is, terwijl wat je opzij zet een bedrag per maand is. Bij een klein saldo stelt dat lek niets voor en groeit je spaargeld. Hoe voller de rekening, hoe groter het lek, tot het punt waarop het opeet wat je erbij legt. Daar blijft je saldo staan.

Dat plafond hangt af van wat je maandelijks overhoudt, niet van wat je verdient. Wie niets overhoudt spaart ook hier niets. Een vakantie, een wasmachine of een verhuizing passen er ruim in. Wil je meer opzijzetten dan dat, dan koop je een stuk van iets dat stroom maakt: een zonnepark, een windmolen, een waterkrachtcentrale. Dat lekt niet, want het is geen geld maar bezit, en het levert nieuwe kilowatturen op zolang het draait.

Maar het is geen veilige haven. Zo'n aandeel is waard wat iemand ervoor geeft, installaties slijten en moeten vervangen worden, en doordat iedereen die spaart daarheen moet, staat er structureel koopdruk op die markt. Dat is precies het soort omstandigheid waarin prijzen doorschieten. Wij vinden dat een van de zwakste plekken van het plan en het staat ook zo in kritiek.

Je pensioen

Geen pot geld die dertig jaar stilstaat, want die zou leeglopen. In plaats daarvan bezit je een stuk opwek dat CBER blijft opleveren zolang het draait.

Het verschil is dat een pensioenpot vandaag rendement moet halen op financiële markten, met alle onzekerheid van dien, terwijl een installatie gewoon stroom maakt zolang zij draait. Je oude dag hangt dan aan iets dat draait in plaats van aan iets dat gewaardeerd wordt.

Grote aankopen

Drie manieren, en afbetalen zit er niet bij: sparen tot je het hebt, huren, of een abonnement nemen.

Voor apparaten en vervoer zijn huren en abonneren vaak de handigste vorm, en voor wie geen spaargeld heeft de enige twee: bij allebei heb je nooit een bedrag ineens nodig. Bij een abonnement is er op elk moment afgerekend en is niemand iemand iets schuldig; stop je met betalen, dan stopt de levering.

Afbetalen bestaat niet omdat het een belofte is, en dit hele systeem is gebouwd om niet op beloftes te draaien. Twee mensen die onderling afspreken dat er later betaald wordt houd je natuurlijk niet tegen, maar het systeem erkent zo'n afspraak niet en dwingt hem niet af.

Als er iets onverwachts gebeurt

Hier is het plan het zwakst, en dat zeggen we liever zelf dan dat je er zelf tegenaan loopt.

Wie maandelijks iets overhoudt, bouwt vanzelf een buffer op tot dat plafond, en voor een kapotte wasmachine is dat meestal genoeg. Voor wie dat niet heeft en volledig op de vloer leeft, is er weinig: sparen lukt niet en lenen kan niet, want de vloer is met opzet niet te verpanden. Diezelfde bescherming die hem onaantastbaar maakt, maakt hem ook onbruikbaar als onderpand.

Abonnementsvormen vangen een deel op, omdat je daarmee geen bedrag ineens hoeft te hebben. Alles vangen ze niet op. Dit is een open probleem en het staat ook zo in wat ertegen in te brengen valt.

En de schuld die je nu hebt

Het lastigste onderdeel van de hele overgang.

Zonder hypotheekmarkt kosten huizen niet meer wat er geleend kan worden maar wat mensen kunnen betalen, en dat scheelt geen paar procent. Wie vandaag een huis met schuld heeft, ziet de waarde zakken terwijl de schuld blijft staan.

Wij hebben daar geen nette oplossing voor. Wat dat precies betekent, staat onopgesmukt in kritiek.


Je hoeft niet mee te doen aan de identiteitslaag

Er is één vloer per mens, dus het systeem moet kunnen vaststellen dat jij één mens bent. De nette manier daarvoor is een wallet, een wiskundig bewijs en een blinde stempel (zie wie beslist). Wil je daar niet aan meedoen, dan hoeft dat niet.

Er is een handmatige toelatingsroute: een mens stelt vast dat jij een mens bent. Geen token, geen stempel, en je buren hoeven niets over je te verklaren. Nee zeggen tegen de identiteitslaag kost je je bestaansminimum niet. Dat was lang een gat in dit ontwerp: het systeem dwong je feitelijk mee te doen, want weigeren betekende geen vloer.

Je mag ook later alsnog overstappen, op elk moment, zonder nieuwe toelatingsprocedure en zonder er iets bij te verliezen. De technische route levert je geen voorrang, geen hogere vloer en geen lagere kosten op, want dan zou de keuze geen keuze zijn.

Wat de beoordelaar mag vragen staat vooraf vast en is niet meer dan wat voor die ene vraag nodig is: niet het document dat je net weigerde, niet je woonadres, geen relatiegeschiedenis, en geen reden waarom je deze route kiest. Hij mag nee zeggen, en dan geldt hetzelfde als bij elk besluit over je vloer: schriftelijke redenen, beoordeling door iemand anders, beroep bij een instantie buiten de gemeenschap, en je vloer loopt door zolang dat beroep loopt.

Dat je deze route hebt genomen, staat nergens als kenmerk in je dossier. In een dorp is weten wélke route iemand nam al iets over die persoon weten.

Je vloer dooft niet doordat je buren zwijgen

Om door te blijven lopen heeft je vloer af en toe een klein bewijs nodig dat je er nog bent. Dat mag uit je eigen gemeenschap komen. Maar één attestatie van een instantie met beroepsgeheim (huisarts, opvang, wijkteam, woningcorporatie) vervangt de hele buurtronde. Wie niet gezien wil worden, hoeft de buurt niets te vragen.

Van wie de attestatie kwam, weet de instance niet. Dat geldt ook voor de institutionele route: er wordt vastgelegd dát er een geldige attestatie is en tot wanneer, niet wie hem gaf. Van je gemeenschapsattestanten mag hoogstens één een verhuurder, werkgever, schuldeiser of zorgverlener van je zijn: attesteren is macht over andermans bestaansminimum, en die macht hoort niet ook nog eens bij de partijen die al macht over je hebben.

En de belangrijkste regel: het uitblijven van attestaties is nooit op zichzelf reden om je vloer te doven. Er komt eerst een mens aan te pas, buiten je gemeenschap en buiten de operatie van de instance, en die moet vaststellen of er een sociale oorzaak is: iemand die vluchtte, buitengesloten werd, vastzit, in het ziekenhuis ligt of ondergedoken is. Er gaat bericht vooraf, er is negentig dagen respijt, en tijdens bezwaar en beroep loopt je vloer gewoon door.

Als je in gevaar bent

De gevaarlijkste tegenstander in dit ontwerp is niet de staat en niet een inbreker op afstand: het is de persoon die dezelfde voordeur heeft. Daarom schrijft de regelset een veiligheidsroute voor.

Je verklaart het zelf, of een opvang, huisarts, gemeente of politie verklaart het voor je: bekend worden van mijn locatie of van mijn verhuizing brengt mij in gevaar. Vanaf dat moment geldt dit.

  • Je uitbetaling verhuist onmiddellijk. Geen aankondiging, geen wachttermijn, geen bezwaarrecht voor wie de oude binding had, en geen verse buurtattestaties.
  • Je sleutels vallen er ook onder. Heeft iemand je toestel en je pincode, dan is hij formeel de houder. Herbinden aan een nieuw toestel werkt dan onmiddellijk, zonder bericht aan hem en zonder bezwaartermijn, en zijn oude sleutels werken op datzelfde moment niet meer.
  • Naar buiten blijft het oude beeld staan. De publieke weergave en elke geautoriseerde inzage blijven de vorige bestemming en de vorige status tonen. Het systeem laat de meekijker met opzet iets zien dat niet waar is, want anders is de aankondiging zelf het alarm.
  • Elke poging om je dossier te openen wordt vastgelegd en aan jou gemeld, nooit aan degene die het probeerde.
  • Je krijgt een vloer ook zonder eigen energiecontract, binnen 24 uur, zonder attestaties en zonder wachttermijn: als kaart, als vooruitbetaald tegoed of als betaling die alleen jij beheert, zonder omschrijving waaruit iemand kan aflezen waar het vandaan komt, en op te halen buiten het dorp.
  • De markering kan alleen jij intrekken, of de instantie die hem voor je zette. De instance zelf kan dat niet.

Twee dingen die er eerlijk bij horen. De herbinding is niet aangekondigd, maar wel zichtbaar: wie je oude toestel heeft, merkt dat het niet meer werkt. Het moment daarvoor kies je daarom samen met de instantie die je helpt, en niet alleen aan de keukentafel. En het oude beeld geldt alleen voor je status en je inschrijving: de gepubliceerde energie- en geldcijfers moeten tot op de eenheid kloppen, dus daar kan niets worden verzonnen, en in een klein dorp kan een huishouden dat niets meer afneemt alsnog opvallen.

En de stand van vandaag, want dit is te belangrijk om mooier te maken dan het is. Dit is een eis aan wie het systeem bouwt, niet een voorziening die bestaat. Er is geen geaccrediteerde instantie gecontracteerd die de markering kan zetten, en de leveringsvorm zonder aansluiting is nergens in de praktijk doorlopen. Zolang dat zo is, mag een instance geen deelnemers werven onder mensen met een geheim adres. Wat er precies is voorgeschreven en waar je vandaag terechtkunt, staat in de privacyverklaring.

Kinderen krijgen ook een vloer

Eén mens, één vloer, en leeftijd is niet de streep. Een kind heeft een Basispuls net als een volwassene, want het is een bestaansminimum en een huishouden met kinderen heeft ook de grotere energiebehoefte. Kinderen tellen volledig mee in de rekensom waarmee de vloerhoogte wordt bepaald.

Dat een ouder of voogd optreedt gaat over de praktische levering en niet over de vloer zelf: de vertegenwoordiger krijgt er geen zeggenschap over. Uniciteit wordt voor kinderen vastgesteld zonder publicatie van enig token, zonder buurtattestaties, in een aparte context die niet wordt gedeeld. Word je meerderjarig, dan loopt je aanspraak gewoon door: geen nieuwe inschrijving en geen nieuwe attestaties.

Wat er over jou in het grootboek komt

Niets.

Het grootboek publiceert systeemniveaus en nooit accountniveaus: de reserve, de dekkingsgraad, totalen en vingerafdrukken. Individuele saldi, transacties, afroepen, plaatsen in de leveringswachtrij en leveringsgegevens komen er nooit in, in geen enkele vorm en ook niet pseudoniem. Van je eigen mutaties krijg je een privébewijs dat ze correct in de som zijn meegeteld; dat is jouw controle, en die loopt niet via een regel in een openbare lijst.

Ook de wachtrijen zijn geen lijst met namen of plekken. Van de leveringswachtrij komt alleen het totaal naar buiten, afgerond en op vaste momenten; van de wachtrij voor toelating alleen de lengte, en dan nog als bandbreedte. Een wachtrij die je achterstevoren kunt lezen, wijst de mensen aan die zich hebben aangemeld en de mensen die zijn vertrokken.

Wie in jouw dossier kijkt

Je coöperatie weet meer van je dan je bank: je geverifieerde identiteit, de koppeling met je account, je transacties, je meetgegevens, je leveringen en je uitbetaalgegevens. Daar horen sloten op, en die staan er nu.

  • Elke raadpleging is herleidbaar tot een persoon met naam, wordt vastgelegd in een logboek waarin niet ongemerkt te knoeien valt, en jij krijgt er binnen vijf dagen bericht van.
  • Wie te dicht bij je staat, kan er technisch niet bij. Wie je huishouden of je adres deelt of dat de afgelopen vijf jaar deelde, wie eerstegraads familie is en wie een ex-partner is, staat buiten je dossier. Die uitsluiting loopt op geschiedenis en niet op het heden, want de dag dat je vertrekt is de dag van het grootste gevaar. Je mag zelf ook mensen uitsluiten, zonder reden op te geven, en die persoon krijgt dat niet uit zichzelf te horen.
  • Een export van meerdere dossiers vereist twee mensen samen, wordt als gebeurtenis vastgelegd met omvang en reikwijdte, en elk geraakt lid krijgt daar apart bericht van.
  • Je mag je eigen logboek opvragen, en ook je eigen vermelding op een uitsluitingslijst of in het register van grootbezitters: dat zijn jouw gegevens.
  • Wie het ledenregister beheert, beheert niet ook het grootboek, en de meetgegevens liggen bij een derde rol.

Een dossier lezen zonder logregel is geen slordigheid maar een breuk met de regelset, met een sanctieladder erachter.

Je verbruik verraadt meer dan je denkt

Een verbruikspatroon is geen neutrale meetreeks. Eruit is af te leiden of je thuis bent, wanneer je slaapt, welke apparaten je gebruikt, en soms wat je gelooft of wat je mankeert: een dialyseapparaat, een zuurstofconcentrator, onrust 's nachts, een vast vastenritme.

Daarom geldt: profileren of segmenteren op verbruikspatroon is een breuk met de regelset en geen beleidskeuze. Per identiteit wordt niets fijner dan een kalenderdag bewaard. Meetgegevens per aansluiting fijner dan een dag: hoogstens negentig dagen, daarna alleen nog per dag of grover. Leveringsgegevens van je vloer: hoogstens negentig dagen na de afstemming, en voor niets anders bruikbaar dan die afstemming. Transactiegegevens: hoogstens 24 maanden aan een account te koppelen, daarna alleen nog als totaal. Je ledenregistratie: uiterlijk 24 maanden na het einde van je lidmaatschap weg.

Die termijnen zijn grammatica en geen huisregel. Eroverheen gaan is een breuk, net zo goed als een kapotte meter verzwijgen.


Wat er hetzelfde blijft

Om het in verhouding te houden, want de meeste dingen veranderen niet.

Je krijgt salaris, je doet boodschappen, je betaalt huur, je gaat op vakantie. Je hebt een app die eruitziet als een bankapp en een pasje dat werkt bij de kassa. Prijzen staan gewoon op het schap. Je werkgever betaalt je aan het eind van de maand.

De rode draad van wat er wél verandert, past in twee regels: je merkt er in de winkel niets van, en je merkt het wel als je geld laat liggen. Verder ben je nooit meer iemand iets schuldig, en heeft niemand een claim op jouw toekomst.

De bank beheert de mens, en de mens beheert de bank.